Soudage MIG y MAG

Wat is het verschil tussen MIG en MAG lassen?

Zowel MIG als MAG lasprocessen zijn halfautomatische booglasprocessen.

MIG en MAG lasprocessen

MIG en MAG lassen zijn beide halfautomatische, automatische of gerobotiseerde booglasprocessen. Het gebruik van een spoel vulmetaal door de lasser, een smeltbare elektrode ook wel lasdraad genoemd, maakt continu MIG/MAG lassen mogelijk. Deze processen geven een goede penetratie, en kunnen materialen van dun tot dik lassen.

Op MIG/MAG booglasmachines zijn veel instellingen beschikbaar (draadsnelheid, stroomsterkte, spanning, enz.), en sommige zijn gekoppeld. Recente generatoren maken gebruik van synergieën: aangepaste werkingsrecepten die de parameters op een bepaalde manier laten evolueren en die de bewerkingen sterk vereenvoudigen door bijvoorbeeld variabele parameters zoals draadsnelheid te beperken.

Welk soort gas moet je gebruiken?

MIG en MAG processen gebruiken niet hetzelfde soort gas.

MIG lassen vereist een inert gas. Dit gas reageert niet met het gesmolten metaal, en wordt vooral gebruikt om het smeltbad te beschermen. Het is meestal argon, of argon/helium mengsels, of zelfs zuiver helium. Het uiterlijk van de MIG lasnaad is een van de kritische parameters.

Voor MAG lassen is meestal argon nodig als basisgas, gemengd met actieve gassen (oxiderende gassen volgens EN ISO 14175) zoals CO2 en/of O2.

Oxiderende gassen zullen in beperkte mate oxiden op het oppervlak doen ontstaan. Deze oxiden zijn "emitterend": ze vergemakkelijken het uittreden van elektronen en dragen zo bij tot de stabiliteit van de vlamboog. Maar om de mate van oxidatie van het snoer te beperken, moet het gehalte aan oxiderende elementen in het beschermgas fijn geregeld worden.

Zo ontmoeten we elkaar:

  • Voor roestvast staal: Ar-CO2 of Ar-O2 mengsels met een gehalte van minder dan 2%. Het is hier van essentieel belang dat het chroom, een cruciaal element voor corrosiebescherming, niet oxideert.
  • Voor staal: Ar-CO2, Ar-O2, of Ar-CO2-O2 mengsels. Het gehalte aan oxiderende elementen kan oplopen tot 18%. Het oxiderend vermogen van zuurstof is groter dan dat van CO2. Zuurstof heeft ook een oppervlakte-actieve rol, waardoor de parel beter verspreid wordt (bevochtiging) en de viscositeit van het bad lager is. Dit geeft een hogere vlakaanvoersnelheid, maar grotere moeilijkheden bij het hanteren van het bad bij het in positie lassen.

Voor het lassen met gevulde draad is het gehalte aan oxiderende elementen van kritiek belang. Deze zullen direct bijdragen tot het verlies van legeringselementen die aan de flux toegevoegd zijn. Het is daarom belangrijk de specificaties van het toevoegmetaal in acht te nemen. Er kunnen gassen van klasse M20, M21 volgens ISO 14175 of zelfs zuivere CO2 gebruikt worden.

Wist je dat? Je kunt gasflessen rechtstreeks bij ons netwerk van distributeurs kopen, net als het passende materiaal voor het elektrisch booglassen: lasdraden voor MIG/MAG, staven voor TIG, beklede elektroden voor MMA, toortsen voor alle TIG Plasma of MIG MAG processen. Air Liquide biedt ook een breed gamma lasgassen rechtstreeks aan bedrijven aan, in cilinders van verschillende afmetingen, en de uitrusting die nodig is voor het gebruik ervan. Aarzel niet om contact op te nemen met Air Liquide om de prijzen en de samenstellingen van de voorgestelde mengsels te kennen.

Air Liquide en haar MIG/MAG lasspecialisten staan ter beschikking voor alle vragen of verzoeken om informatie.

Heb je vragen over het verschil tussen de MIG/MAG processen? Vul ons contactformulier in.

Onze experts reageren binnen 24 uur.